Inclusief Dalfsen: Denkt u ook mee?

Op 11 februari heeft er in de Trefkoel+ in Dalfsen een eerste bijeenkomst plaats gevonden omtrent het thema “Inclusief Dalfsen”, georganiseerd door de Participatieraad van Dalfsen.

Het doel van deze eerste bijeenkomst is om informatie op te halen, te inventariseren wat er bekend is binnen onze gemeente over het begrip inclusiviteit. En hoe we denken dat daar vorm aan gegeven kan worden. Aan deze avond werd deelgenomen door leden van het gehandicapten platform en de werkgroepen bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar (BTB), andere belangstellenden, mensen van de gemeente Dalfsen, en leden van de participatieraad Dalfsen.

 De avond is begonnen met de presentatie door Celesta van den Brandhof over haar onderzoek naar Inclusiviteit in Dalfsen. Na een korte inleiding vanuit het oogpunt van de gemeente hebben we in drie groepen gediscussieerd over :

“Hoe kijken we aan tegen inclusie”. Wat wordt er bijvoorbeeld in de gemeente er al gedaan aan inclusie, zonder dat we ons dat bewust zijn. “Kunnen er goede voorbeelden van inclusie gegeven worden”. Hoe zou volgens jullie inclusie eruit moeten zien? En wat hebben we nodig om een beeld van Dalfsen te krijgen met betrekking tot inclusie?

 Er werd druk en levendig gediscussieerd binnen de drie groepen. Inclusie is een breed en moeilijk begrip, maar het betekent niet meer dan dat niemand zich buiten gesloten mag voelen.

Bij inclusie moet je denken aan toegankelijkheid voor iedereen, ongeacht de beperking die je hebt of die nu lichamelijk is of komt door een laaggeletterdheid. Aan eenieder moet de ruimte geboden worden om mee te kunnen doen binnen zijn mogelijkheden en rekening houdend met zijn beperkingen. Betrokkenheid van de buurtbewoners; omgaan met verschillen; belangstelling hebben voor het individu. Inclusiviteit gaat ook over normen en waarden.

 Binnen de gemeente Dalfsen wordt al het een en ander gedaan aan inclusie zoals bv. goed noabershap en de aanwezigheid van een bruggenbouwer.

Kan er dan nog meer gedaan worden? Ja! De gemeente moet een aanzet geven tot meer bewustwording bij de burgers.

We zullen als totale gemeenschap het gesprek met elkaar moeten aangaan. Wat willen de mensen zelf? Ga eens kijken bij de buren (buurt gemeenten) wat zij doen aan inclusiviteit. Ga dingen zelf beleven alsof je een beperking hebt en merk of je letterlijk dan wel figuurlijk buitengesloten wordt.

 Wilt u ook graag meepraten over Inclusief Dalfsen? Heeft u ideeën over de inclusieve samenleving of wilt u ervaringen met ons delen? Laat het de participatieraad weten per email participatieraad@dalfsen.nl of telefonisch op 06-40929763. Wij nemen dan contact met u op.

 

De samenleving verandert. En niet iedereen kan daarin meekomen

Interview

Er is sprake van een nieuw soort ongelijkheid, schrijft Kim Putters, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, in zijn deze week verschenen boek ‘Veenbrand’. ‘Er wordt heel veel tegelijkertijd van ons verwacht. Daardoor ontstaat een scheidslijn: wie kan daar wel en wie kan daar niet mee omgaan?’

De krantenkoppen laten precies het probleem zien dat Kim Putters wil bespreken. Het gaat deze woensdag over de hogere energierekening, over het kabinet dat beweerde dat de stijging mee zou vallen en over de vraag of de klimaatdoorrekeningen van het Planbureau voor de Leefomgeving wél kloppen. Allemaal belangrijk, zegt Putters, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). “Maar vragen als hoe hoog de energierekening nu precies is, of hoeveel koopkrachtpunten we er gemiddeld op vooruit gaan, maskeren vrij snel de grote problemen van deze tijd.”

Over die werkelijke problemen schreef Putters het deze week verschenen ‘Veenbrand’, een analyse van wat hij de ‘smeulende kwesties’ noemt in de samenleving. “De optelsom is dat we in een overgang zitten naar een ander type samenleving”, begint hij. “Daarin staan niet alleen onze arbeidsrelaties onder druk – we zijn echt op een andere manier ons werk aan het inrichten – maar ook onze sociale relaties. We communiceren anders en dat heeft sociale en culturele gevolgen. Ook ons politieke systeem staat onder druk. Is er nog wel verbinding tussen samenleving en politici?”

Nu is het kenmerk van een veenbrand juist dat die onzichtbaar is. In een poging het onzichtbare zichtbaar te maken, bespreekt Putters op ons verzoek een aantal actuele krantenkoppen. Wat zeggen deze krantenkoppen over het ­Nederland waar we in leven?

‘Energie is nu een luxe’ (De Telegraaf, 20 februari 2019)

Nederlandse huishoudens maken zich grote zorgen over de stijgende energierekening, schrijft De Telegraaf. “Ordinaire centenpikkerij”, aldus een gezin.

Putters: “Deze krantenkop laat zien: er kunnen nieuwe scheidslijnen ontstaan. Het klimaatdebat is heftig en dat komt doordat er een sociale kant aan zit. Wanneer we maatregelen nemen om van het gas af te gaan of anders auto te rijden, moet ook de vraag aan bod komen: wie kan dat betalen? Wat gaat dat voor verschillende groepen betekenen? Dat zijn de vragen die dit artikel opwerpt.”

In zijn boek benoemt Putters de focus op economische groei als een van de smeulende kwesties in Nederland. Die focus leidt volgens hem af van het maatschappelijk onbehagen over allerlei grote veranderingen, inclusief die veranderingen die nodig zijn om de opwarming van de aarde tegen te gaan.

 Is er een ­betrouwbare overheid waar je op kunt ­rekenen? Daar heb ik wel ­zorgen over

Kim Putters

“Als ik het heb over brede welvaart, bedoel ik dat we er niet meer mee wegkomen om alles te vertalen naar koopkrachtpunten”, zegt Putters. Terwijl hij naar De Telegraaf wijst: “Uiteindelijk gaat deze discussie niet alleen over duurzaamheid. Het gaat over de manier waarop we leven en werken. Dáár hebben we het te weinig over. Natuurlijk is het goed om te kijken wat er technisch kan en wat een goede beleidsmaatregel is. Maar de vraag wie er makkelijk en minder makkelijk meekomen, moet niet het sluitstuk zijn.”

“Niemand wil dat er straks een grote groep mensen is die niet mee kan komen en daardoor een minder goede woning heeft, minder gezond is en minder toegang heeft tot dat wat goed, gezond en duurzaam is. Maar om dat te voorkomen moet er wel iets gebeuren. Het risico is dat we te snel gaan, dat we te weinig kijken naar wat bepaalde groepen in bepaalde wijken wel en niet ­kunnen.”

Het kabinet wist het zeker. Maar het zat ernaast. (Trouw, 20 februari 2019)

Of energie een luxe wordt of niet, nu blijkt dat het kabinet ten onrechte volhield dat de stijging van de energiekosten mee zou vallen is er twijfel over meer beloftes. Een kroniek van een aangekondigde blunder, tekent deze krant op.

Putters: “In Nederland hebben we een overheid waarop we moeten kunnen vertrouwen. In ruil daarvoor betalen we belasting en zijn we bereid om politici de macht te geven. Dat is cru­ciaal in wat ik in mijn boek ons ‘sociaal contract’ noem. Zo hebben we het geregeld. Daar denken we niet echt over na, maar het maakt dat we in vrijheid kunnen leven en dat we welvaart delen. Dat zijn twee heel belangrijke dingen.”

Vertrouwen is daarbij cruciaal, zegt Putters, en dat brokkelt af als de overheid beloftes niet na kan komen en als de verbinding tussen groepen in de samenleving minder wordt. Ons huidig sociaal contract lijkt uitgewerkt, betoogt hij in zijn boek. In een wereld die individualistischer wordt en waar compromissen worden uitgelegd als kiezersbedrog is het wellicht tijd de rollen opnieuw te verdelen.

We gaan op in de waan van de dag. Ik denk dat de samenleving vraagt om een toekomstvisie

Kim Putters

Putters: “We hebben nog steeds een heel stevig sociaal contract in ons land. Dat vergeten we weleens. In andere landen staat het vertrouwen in de politiek meer onder druk dan bij ons. Maar: zeker voor grote vraagstukken als duurzaamheid of integratie is het belangrijk dat we vertrouwen houden dat er met ieders belang rekening wordt gehouden. Dat is de kern.

“Neem de rechtsstaat. Daar heb je vertrouwen in als je erop kunt rekenen dat jouw belang ertoe doet. Dat betekent niet dat jij altijd je zin krijgt. Maar wel dat jij, of je nu elektromonteur bent of de minister-president, er vertrouwen in hebt dat je wordt gehoord. En daar twijfelen mensen aan. Er lopen scheidslijnen tussen praktisch opgeleiden en academici, tussen mensen met veel of minder geld, of tussen mensen met en zonder migratie-achtergrond. Dat zet het sociaal contract onder druk.

“Uiteindelijk kom je uit bij de vraag: is er een betrouwbare overheid waar je op kunt rekenen? Dat is een vraagstuk waar ik wel zorgen over heb. Iedere samenleving kent mensen die het wat beter en wat minder goed hebben. Maar diepe scheidslijnen zorgen voor conflict en polarisatie.”

Klimaatactie lijkt ‘meer een vwo-dingetje’ (Trouw, 7 februari 2019)

Het lijkt wel, schreef deze krant, of het klimaat bij vwo’ers veel meer leeft dan bij vmbo’ers. Op de landelijke actiedag van scholieren waren het vooral de vwo’ers die kwamen opdagen.

Putters: “Ik denk dat boodschap één hierbij is dan we ons moeten realiseren: hier wordt aan de eettafel over gesproken. Klimaatverandering is niet zomaar een dingetje.”

Hij benadrukt elk woord: “Hier wordt over gesproken. Dat is zo’n belangrijke constatering omdat het betekent dat het hier niet alleen om scholieren gaat. Het gaat ook om de manier waarop hun ouders over dit onderwerp praten, en hun grootouders.”

Nederland wordt steeds minder inclusief, schrijft Putters in zijn boek. Er is sprake van een nieuw soort ongelijkheid. Het gaat niet langer over de aloude have en have nots, inmiddels is de vraag: wie kan er wel meekomen in de snel veranderende wereld, en wie niet? Putters noemt het de cans en cannots. Dan blijkt dat de groepen die op achterstand staan er steeds verder op achteruitgaan, terwijl de mensen die het mee zit in een steeds sneller tempo vooruit schieten. Met andere woorden: de ongelijkheid neemt toe.

Maar in de snelheid van vandaag moeten jij en ik alles tegelijk doen. Dus je mag wel ziek zijn maar je moet ook werken, blijven leren, en je ouders mantelzorg geven

Kim Putters

Putters: “Wat belangrijk is in die cans en cannots, en wat steeds belangrijker is in die veranderende samenleving, is dat jij je weg kunt vinden. Dat je weet hoe de systemen werken, waar je moet zijn met vragen. Onze verzorgingsstaat is georganiseerd langs de have en have nots: als jij een laag inkomen hebt, zorgen we dat je met toeslagen gecompenseerd wordt. Als je ziek bent, hebben we geregeld dat je thuiszorg krijgt. Dat heeft lange tijd de mensen die kwetsbaarder zijn, geholpen om mee te doen.

“Maar in de snelheid van vandaag moeten jij en ik alles tegelijk doen. Dus je mag wel ziek zijn maar je moet ook werken, blijven leren, en je ouders mantelzorg geven. Er wordt heel veel tegelijkertijd van ons verwacht. Daardoor ontstaat een nieuwe scheidslijn, namelijk: wie kan daar wel en wie kan daar niet mee omgaan?

“Ik denk dat deze krantekop uitnodigt tot een nadere analyse. Zeg je bijvoorbeeld ook dat vmbo’ers zich niet druk maken over het klimaat? Of zeg je dat ze dat zouden moeten doen? Of zeg je: ze maken zich er wel druk om, maar ze zijn minder mondig? Of zeg je: ze worden minder goed gehoord?

“Het is ook nog zo, en dat zien we vaker, dat de mensen die het meest van zich laten horen niet per definitie de mensen zijn die als eerste de gevolgen ondervinden van beleid. Zouden deze scholieren zich realiseren dat ze ook opkomen voor mensen die dat zelf niet kunnen, of denken ze daar niet over na? Het zou goed zijn als media ook die vragen stellen.”

Hoe opgebrand is Nederland? (de Volkskrant, 3 januari 2019)

Veel Nederlanders kampen met burn-outs en stress, schreef de Volkskrant aan het begin van het jaar. De krant maakt een inventarisatie van oorzaken en ­remedies.

Putters: “Ja, dit is een treffende. Door alle veranderingen op de arbeidsmarkt, maar ook in de manier waarop we leren of zorgen, is er echt iets wezenlijks veranderd. De combinatiedruk is toegenomen en dat zal niet weggaan. We hebben niet meer één baan die we veertig jaar lang behouden. Inmiddels hebben heel veel mensen in ons land een combinatiebaan en de ouder wordende samenleving brengt voorlopig nog met zich mee dat de jongere generaties heel veel meer moeten gaan zorgen voor hun ouders.

“Die combinatie van trends die niet weg zullen gaan, maakt dat we manieren moeten vinden om alles wat er van ons verwacht wordt behapbaar te houden. Je kunt niet altijd blijven stapelen. Er zitten 24 uur in een dag, zeven dagen in de week.

“Dat betekent bijvoorbeeld dat werkgevers mantelzorg bespreekbaar moeten maken. Jonge mensen die net aan hun carrière beginnen, durven niet altijd meteen aan de orde te stellen dat ze moeten zorgen voor hun moeder, of voor hun broer. Maar uit een recent onderzoek van ons over werkende mantelzorgers bleek dat alleen al de vraag stellen wat iemand nodig heeft enorm kan helpen.

Maar mijn zorg is dat we heel snel over gaan tot de orde van de dag. De veenbranden worden voor een deel verergerdomdat we opgaan in de waan van de dag.

“Dit is een groot vraagstuk en het heeft alles te maken met de grote veranderingen in de samenleving. Wat ik op macroniveau de overgang noem naar een ander type samenleving, zie je hier op microniveau: in het dagelijks leven moeten we continu alles combineren.”

Maar, is ook de boodschap van Putters, we kunnen nog voorkomen dat de veenbrandjes straks uitslaande vlammen worden. “Maar dat vraagt best wel wat. De politiek staat voor de uitdaging om niet steeds naar aanleiding van incidenten politiek te bedrijven, maar om ons mee te nemen in die grote kwesties waar we nu voor staan. Wat betekent brede welvaart, waar willen we uitkomen? Wat betekent de inclusieve samenleving over tien jaar?”

Het kabinet is wel bezig geweest met dergelijke vragen, bijvoorbeeld door Putters uit te nodigen bij de coalitieonderhandelingen of door het CBS te vragen om een ‘monitor brede welvaart’. Putters: “Maar mijn zorg is dat we heel snel overgaan tot de orde van de dag. De veenbranden worden voor een deel verergerd omdat we opgaan in de waan van de dag. Debatten over zzp’ers of een toeslag hier en daar zijn allemaal onderdeel van een veel groter vraagstuk waar je een beetje visie op nodig hebt. Ik denk dat de samenleving vraagt om een toekomstvisie.”

Bijzonder hoogleraar

Kim Putters (1973) is sinds 2013 directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau en bijzonder hoogleraar beleid en bestuur van de zorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Verder is hij onder meer kroonlid van de Sociaal-Economische Raad. Voor 2013 was hij senator voor de Partij van de Arbeid. 

Roep om regie op communicatie binnen het sociaal domein

Binnen het sociaal domein van Dalfsen is iedereen van goede wil. Er is geen ruzieachtige sfeer en ook politiek zijn er geen enorme tegenstellingen. Veel klachten en kritiek op de uitvoering van de hulpverlening krijgen we ook niet te horen. Dus we mogen best tevreden zijn en ook wel trots op onze Dalfser manier van samen wonen en leven.

Het sociaal domein is erg breed. We gebruiken deze term voor alle sectoren die te maken hebben met de sociale kant van het gemeentelijke beleid: zorg, welzijn, onderwijs, gezondheidszorg, opvoeding, inburgering en sociale activering. Hierin zijn heel wat spelers actief, ook in Dalfsen; denk aan huisartsen, fysiotherapeuten, brandweer, leerwerkcentrum, zorgboerderijen, vluchtelingenwerk, jongerenwerk, SAAM, basisonderwijs. Maar ook in georganiseerd vrijwilligerswerk in verenigingsverband en in kerken. En laten we onze mantelzorgers niet vergeten, deze groep wordt steeds groter en belangrijker.

De participatieraad voert veel gesprekken bij allerlei groepen en instanties. En dan horen we bijna overal de roep om betere communicatie, zowel onderling tussen de hulpverleners als richting de burgers. We denken dat daar nog flink wat winst is te behalen. En daarin zien we een grote rol weggelegd voor de gemeente. Het gemeentehuis zou veel meer de regie moeten hebben op deze communicatie. Leg verbinding tussen de verschillende vormen van hulpverlening, laat men aan elkaar vertellen wat en hoe men doet. Er kan nog zoveel van elkaar geleerd worden zonder in de concurrentie te gaan. Daarom moet het gemeentehuis die regiefunctie ook nemen. Er is zoveel talent in Dalfsen, zet die sterke talenten op een efficiënte en effectieve manier in. Daar zijn de burgers bij gebaat.

Er is in mei de AVG-wetgeving rondom persoonsgegevens en privacy van kracht geworden. Je mag niet zomaar een naam doorgeven van iemand waarvan jij denkt dat hij/zij hulp nodig heeft. Natuurlijk niet, helemaal mee eens, maar we zien wel dat er daardoor mensen tussen wal en schip raken. En dat kan toch niet de bedoeling zijn van deze wetgeving. We roepen alle betrokkenen op niet al te sterk de letter van de wet te hanteren, maar meer naar de geest van deze wetgeving te handelen.

Namens de Participatieraad Dalfsen,

Bernhard Jonker

Participatieraad Dalfsen. Wat bracht het jaar 2017?

De Participatieraad bestaat nu drie jaar en bestaat uit vijftien actieve en betrokken vrijwilligers uit alle kernen van de gemeente. Wij adviseren de gemeente over het sociaal beleid in Dalfsen. In 2017 hebben we elf adviezen uitgebracht over zeer verschillende thema’s. Ik noem u er enkele:

De waardering van de vele vrijwilligers. Het  burgerinitiatief zorg-café voor mantelzorgers en zorgvragers in de Trefkoele. Het plan ‘Thuis in Dalfsen’ dat gaat over hoe wij nieuwkomers goed kunnen laten integreren. Dalfsen heeft daar recent een mooie award voor ontvangen van Vluchtelingenwerk Nederland. Maar ook adviseerden wij over de inkoop van specialistische jeugdhulp voor jongeren en gezinnen voor goede ondersteuning en hulp.

Ook over het belangrijke thema kind en armoede hebben wij meegedacht met de totstandkoming van het beleid ‘Iedereen doet mee 0 tot 18’. Hoe kunnen alle kinderen, ook waarvan de gezinnen het financieel niet breed hebben, toch meedoen met activiteiten die hen helpen met ontwikkelen en opgroeien? En we hebben meegedacht met het beleid voor het hele jonge kind van 0 tot 4 jaar. Dat ging over peuteropvang en vroegschoolse educatie en hoe ouders daar onder andere bij betrokken worden.

 

Voor 2018 wil de Participatieraad nog meer met inwoners en organisaties in gesprek gaan. Een fijne start is al gemaakt met een gesprek met de cliëntenraad van zorgcentrum Rosengaerde in Dalfsen en de Baron van Dedemschool in Hoonhorst.

 

Op de site www.participatieraaddalfsen.nl kunt u alles uitgebreid nalezen. Onze vergaderingen zijn steeds op locaties in de buurt. Op 7 maart praten we in De Overkant in Dalfsen met verschillende politieke partijen over hun plannen met het sociale beleid. U bent van harte welkom om mee te denken en mee te praten!

Dalfsen heeft veel bruggenbouwers!

Eén jaar geleden schreef ik over mijn gesprek met drie statushouders (nieuwkomers) in Nieuwleusen met als doel om niet over ze te spreken maar vooral mét ze. Dat is ook onze opdracht als Participatieraad: signalen uit de samenleving ophalen en die vertalen in een advies naar de gemeente Dalfsen. En dat doe je door met inwoners in gesprek te gaan en te luisteren naar hun verhalen.

Sinds de zomer van 2016 is er op het gebied van integratie en nieuwkomers in Dalfsen veel gebeurd. Er is gesproken met inwoners,  statushouders, vrijwilligers en medewerkers die professioneel betrokken zijn bij de integratie. Dat heeft geleid tot een plan van aanpak ‘Thuis in Dalfsen’ waarin de ambities verwoord zijn om het met elkaar samenleven in onze gemeente fijn te laten worden en zijn. Uitgaan van talenten van onze nieuwkomers helpt daarbij evenals hen zelf betrekken bij hun integratie. En deze tips werden gewoon geoogst door met mensen zelf te praten.

Als Participatieraad wilden we ook invulling geven aan integratie. Ghassan Alhariri uit Syrie en nu drie jaar in Nieuwleusen heeft bij ons een taalstage gelopen. Om zijn spreektaal te verbeteren, zijn netwerk uit te breiden en een opstapje te zijn voor een echte baan. Inderdaad, hij was één van de deelnemers bij dat zaterdagmorgengesprek in 2016. En sinds een maand is hij nu als bruggenbouwer actief onder de vleugels van Saam Welzijn om letterlijk een brug te zijn tussen de nieuwkomers en de mensen van hier. Zijn motto is: ‘je moet zelf in contact gaan met de mensen van hier en begrip tonen voor elkaar”. En met zijn inbreng wordt de Participatieraad weer gevoed om de gemeente te kunnen adviseren over de integratie van nieuwkomers.

Ghassan is maar één voorbeeld van zo’n bruggenbouwer, maar in Dalfsen zijn heel veel bruggenbouwers. Zij doen allemaal hun best alle inwoners mee te laten participeren op een wijze die bij ieders talent past. Of het nu gaat om nieuwkomers of ‘echte’ Dalfsenaren, mantelzorgers en vrijwilligers of mensen die zorg/ondersteuning ontvangen en ouderen of jongeren. Wij gaan actief op zoek naar die bruggenbouwers maar u kunt ons ook vinden op de nieuwe website: www.participatieraaddalfsen.nl.

Xanter Wilhelm, voorzitter Participatieraad Dalfsen

 

 

Als op vakantie gaan niet vanzelfsprekend is…

De zomervakantie is in volle gang, ook in Dalfsen hebben de kinderen vrij van school. Voor veel mensen de tijd om een andere plek op te zoeken, er eens lekker op uit te trekken en tot rust te komen. “Waar gaan jullie naar toe?” is nu een veelgestelde vraag. Helaas ook een vraag die niet door iedereen te beantwoorden is en misschien ook wel schaamte oproept. Een steeds grotere groep kinderen in Nederland leeft in armoede. En tja, op vakantie gaan is dan niet zo vanzelfsprekend.

De participatieraad van Dalfsen verdiept zich in het thema kinderen in armoede om zo de gemeente goed te kunnen adviseren. Het blijkt lastig om zicht te krijgen op wat gezinnen die in armoede leven nodig hebben. Misschien ook wel logisch. Het lijkt niet iets te zijn waar je mee te koop loopt. Uit de gesprekken die wij hebben blijkt het taboe op armoede nog groot. Soms is armoede zichtbaar, maar ook van verborgen armoede is vaak sprake. Weet je van je buren hoe het er voor staat? Heb je zicht op eventuele hulp die nodig is. Durf je er naar te vragen?

Oprechte interesse en nieuwsgierigheid in de mensen om je heen is belangrijk. Wil je iemand echt leren kennen dan moet je durven vragen. Het vellen van een oordeel is niet zo moeilijk, dat kunnen we allemaal. Maar oprecht luisteren, meevoelen en een verbinding aangaan is veel lastiger. Maar o zo nodig in een tijd waarin alles snel gaat en we worden geleefd door een lange lijst van af te vinken taken. Wij als participatieraad willen graag de verbinding aangaan en u leren kennen. Wilt u met ons praten over dit onderwerp dan kunt u contact opnemen via info@participatieraaddalfsen.nl.

Namens de participatieraad,
Ariana Smallegoor

Voelen de jeugdige nieuwkomers zich Thuis in Dalfsen? 

“Thuis in Dalfsen”, zo luidt de titel van het plan van aanpak van de gemeente Dalfsen voor de integratie van nieuwkomers. Wat kunnen de gemeente Dalfsen, organisaties en inwoners doen om nieuwkomers zich zo snel mogelijk thuis te laten voelen? En wat kunnen nieuwkomers zelf doen om zich snel thuis te voelen?

 

Wat de Participatieraad in elk geval belangrijk vindt is om mét deze mensen te praten en niet óver hen.

 

In de gemeente Dalfsen is het aandeel van jonge gezinnen in de toestroom van vergunninghouders relatief groot. Dit betekent dat er zich onder de nieuwkomers veel kinderen bevinden. Kinderen die soms getraumatiseerd zijn en wellicht de taal nog niet goed spreken.

Voelen zij zich tot nu toe thuis in Dalfsen? Hoe verloopt hun integratie tot nu toe? Hebben zij een netwerk waar zij op terug kunnen vallen? Welke rol speelt de school in dat proces? Dit zijn vragen waarover de Participatieraad in gesprek gaat met deze (jeugdige) nieuwkomers.

 

Vanaf mei 2017 loopt Ghassan Alhariri een taalstage bij de Participatieraad. Hij is met zijn gezin gevlucht uit Syrië en woont sinds 2014 in Nieuwleusen. Hij zet zich in om mee te doen en mee te komen in onze gemeenschap. Ondanks dat we soms zoeken naar de juiste woorden en elkaar niet altijd begrijpen hebben we er alle vertrouwen in dat hij een geweldige schakel kan zijn tussen de ‘allochtone en autochtone’ Nederlanders.

 

Mocht u mee willen praten over dit onderwerp neem dan contact met ons op via info@participatieraaddalfsen.nl

Rianne Zwep

Werkgroep Jeugd

Keuzevrijheid bij zorg en ondersteuning: ZIN (Zorg in natura) of PGB (Persoonsgebonden budget)?

Het blijkt dat inwoners die te maken hebben of krijgen met Zin of PGB vaak niet op de hoogte zijn van de mogelijkheden die er zijn om een goede eigen keuze te maken die past bij je eigen situatie. Op 12 september 2016 organiseerde de participatieraad een inspaak/voorlichtingsavond over de keuze die je als burger kunt maken tussen Zin of Pgb.

 

Het is ingewikkeld allemaal. Want: de zorg en ondersteuning wordt betaald uit verschillende wetten.

De gemeente is verantwoordelijk  voor o.a. ambulante begeleiding, dagbesteding, huishoudelijke ondersteuning, woningaanpassing en hulpmiddelen. De Zorgverzekering is verantwoordelijk voor o.a. langdurige verzorging en verpleging. De meeste zorg en ondersteuning aan jongeren valt onder de Jeugdwet.

In de wet staat dat alle burgers recht hebben om te kiezen voor Zin of Pgb met als uitgangspunt eigen regie en eigen kracht.

Tijdens de uitleg stelden de inwoners veel vragen over de voor- en nadelen van de keuze voor Zin of Pgb. De keuze is soms lastig te maken maar men kan een beroep doen op gratis onafhankelijke cliëntondersteuning. Samen kan gekeken worden wat er nodig is en welke ondersteuning daarbij past.

 

Deze avond maakte duidelijk dat informatie door de gemeente van groot belang is. De Participatieraad zal de gemeente erop wijzen hoe belangrijk het is dat de keuzemogelijkheden bij keukentafelgesprekken duidelijk aan de orde komen en dat men bij die gesprekken recht heeft op onafhankelijke cliëntondersteuning. En dat maatwerk voor iedereen die afhankelijk is van zorg en ondersteuning het uitgangspunt dient te zijn.

De uitleg en discussie op deze avond werd door de aanwezigen zeer gewaardeerd.

Belangrijk voor ons als participatieraad is dat we de signalen horen en daarover een advies

kunnen geven aan de gemeente.

 

Namens de participatieraad Dalfsen

Diny Laarman.

Statushouders: niet over hen spreken, maar mét ze praten!

Zaterdagmorgen 9 juli. Ik vertrek naar De Schakel in Nieuwleusen waar ik onder leiding van SMON-welzijn, een consulent jeugd van de gemeente en een collega-vrijwilliger een aantal statushouders ga ontmoeten. Als lid van de Participatieraad wil ik mijn licht eens bij hen opsteken. Naar hen luisteren hoe het hen hier gaat. Het woord inburgeren hoor ik vaak. Voelen ze zich hier (al) thuis? Hebben ze wel van Wilders gehoord? Wat kunnen wij van hen leren?
Zo maar een paar vragen die mij tijdens de autorit naar Nieuwleusen te binnen schieten. De Participatieraad adviseert de gemeente over allerlei thema’s in het sociale domein. Van jeugd, ouderen, mensen zonder werk en ook de statushouders, de groep nieuwe inwoners van Dalfsen!
We maken met elkaar kennis. Een jonge man uit het zuiden van Syrië, hotelmanager, woont al twee jaar in Nieuwleusen met zijn gezin. Hij heeft zich verdiept in de geschiedenis van Nederland en weet dus van WO II. Hij begrijpt het Nederlands redelijk maar we communiceren vooral in het Engels. Zijn motto is: ‘je moet zelf in contact gaan met de mensen van hier en begrip tonen voor elkaar”.
Dan een jonge vrouw uit Aleppo, zij woont met haar gezin in Lemelerveld. Haar ouders wonen nog in Aleppo. Ja, er is de angst en zorg voor hen. Maar ze zegt: “We moeten als gezin het leven nu hier maken”. Ze is sterk gefocust op het leren van de Nederlandse taal en we complimenteren haar met haar goede taalvaardigheid. Ze wil later een opleiding volgen.
Tot slot een jonge vrouw uit Somalië. Ze woont met haar drie kinderen in Nieuwleusen. Ze is blij met alle hulp die zij ontvangt van de gemeenschap en buurt: samen boodschappen doen, een taalmaatje van Vluchtelingenwerk, de school in Zwolle. Ze is een echte doorzetter en wil straks verder studeren. Ook zij blikt niet terug maar kijkt vooruit: haar toekomst is immers hier.
Het gesprek gaat verder over hun inburgering en wat er (nog) beter kan. Zomaar wat tips: “Plaats niet alle vluchtelingen in een zelfde vakje, want we zijn net zo verschillend als jullie. Taal is de basis van communicatie, besteed daar als gemeente nog meer tijd aan. Werkervaring, stage of dagbesteding tijdens inburgering is enorm belangrijk om de taal actief te leren spreken en je te durven uiten. Ook willen wij ons inzetten om de culturele verschillen (die er zijn) te helpen overbruggen of begrijpen”.
Het gesprek gaat van de hak op de tak, zoals dat gaat als je in elkaar geïnteresseerd bent. We communiceren afwisselend in het Nederlands, Engels en zij onderling in het Arabisch en ook af toe met handen en voeten. De ontmoeting van zaterdag was een eerste stap op weg naar meer contact met elkaar. Naar meer samenwerking en integratie over en weer in de verschillende kernen van Dalfsen. Met hen praten levert na één gesprekje al zoveel op! En met deze tips kan de Participatieraad de gemeente adviseren voor het maken van goed beleid om ook de nieuwe groep Statushouders de komende tijd een goed thuis te bieden in Dalfsen.
Namens de Participatieraad Dalfsen, Xanter Wilhelm, voorzitter